De looierij


Wat is leer 'looien'?
Wanneer je looit verwerk je een dierenhuid naar leer door het te binden met een looistof. De eiwitten van een huid binden zich 
met deze looistof waardoor de huid beter bewaard blijft. Dit (leer)proces is vooral gericht op de duurzaamheid van het product.
Het proces bestaat uit zes stappen: 

  1. Voorbereiding
  2. Ontharen, weken, kalken
  3. Ontvlezen
  4. Ontkalken en Beitsen
  5. Pikkelen
  6. Looien


De oude Albers looierij, 1925. Bron: Oudvorden 

Traditioneel leerlooien
Vroeger looide men het leder op een andere manier dan tegenwoordig. Zo werd er alleen met plantaardige looistoffen en tannines gelooid. Daarnaast was het leerlooien vroeger niet altijd de voornaamste manier om te voorzien in het levensonderhoud. De meeste leerlooierijen zijn ontstaan als zijnde een nevenbezigheid en als bijverdienste. Uit dit laatste kan al worden opgemaakt dat leerlooien geen bezigheid was van de hogere stand. Dit kwam met name door de niet al te prettige omstandigheden waarin leerlooiers moeten werken. De stoffen waarmee werd gewerkt, waren slecht voor de gezondheid, om nog maar te zwijgen over de geuren die het looi proces begeleiden. Dit laatste is één van de voornaamste redenen waarom leerlooierijen zich vaak in de buitenwijken bevonden, de stank was voor omwonende niet bepaald prettig. 

1. De voorbereiding
Een huid is een restproduct van de vleesindustrie. Oftwel, nadat het dier geslacht en gevild is wordt de huid geconserveerd. Deze conservering is tijdelijk en voorkomt dat de huid afbreekt (gaat schimmelen). Dit kan op drie manieren:

  • De huid wordt gekoeld, hiernaar is de huid maximaal 3-4 weken houdbaar. Deze methode wordt voornamelijk gebruikt in (nieuwe) duurzame productiecycli waarbij het dier van de wei naar de slacht gaaten vervolgens zeer snel (dus binnen 3-4 weken) naar de looierij gaat. 
  • De huid wordt gedroogd. Deze methode duurt vrij lang maar garandeerd wel dat de huid decennia lang mee kan gaan. Wanneer het vocht van de huid ontdaan is kunnen bacteriën er vrijwel niks meer mee. Dit verklaard ook waarom we nog intacte kledingsstukken uit de oudheid terug vinden bij opgravingen. 
  • De huid wordt gezouten. Net als bij gezouten haring/vlees trekt het zout vocht uit de huid waardoor bacteriën er minder invloed op hebben. 

De huid gaat vanuit de slachterij via transport aan bij de looierij, hier begint het echte looiproces.


Rijksmonument: Achter den Ham te Dongen. Bron: Monumentenregister

2. Ontharen
Het is de bedoeling dat de huid zo effectief mogelijk wordt teruggebracht naar de originele staat. Dit wordt gedaan door de huid te weken in zuur, zout, kalk en/of zwavel. Tijdens het weekproces worden de eiwitten die opgelost kunnen worden samen met overige vetten en haren verwijderd. Je moet het zien alsof de huiden in een soort grote wasmachine gegooid worden vol met chemicaliën die de reststoffen verwijderen. Dit proces zwelt de huid op en zet deze open voor de looistoffen die later toe gevoegd worden.

Het product: een schone en haarloze lap met huid die de passende naam: “Bloot” met zich meedraagt.
Zie ook de volgende afbeelding: 

3. Ontvlezen 
Nadat de huiden uit het eerste bad komen, blijft er nog een laag vet aan de “bloot” zitten. Deze laag moet eerst worden verwijderd voordat de volgende stap gemaakt kan worden. Dit wordt doorgaans gedaan door het vlees af te schrapen. Bijvoorbeeld met een messenwals. Dit is een rollende wals met daarin scherpe messen verwerkt. De bloot wordt dus door de wals gerold waardoor de messen alle resten eraf schrapen.

4. Ontkalken & Beitsen
De kalk van het vorige bad kan problemen veroorzaken tijdens het looiproces. Daarom worden de huiden nu in een nieuw bad ontkalkt. De huiden worden dus nog een keer compleet gewassen waardoor afvalstoffen verwijderd worden. Terwijl de huiden zich nog in datzelfde bad begeven, start het beitsen. Hiermee worden met enzymen de vezelstructuren van de bloot kapot geknipt en wordt de huid versterkt.


Een looierij in het midden van een woonwijk in Marroko, auteur: Csörföly Dániel (2004)

5. Pikkelen
Het is belangrijk dat de looistof goed met de huid kan binden. Hierdoor moeten de looistoffen eerst de huid binnengaan, voordat het bindingsproces plaatsvindt. De huiden gaan een nieuw bad in, dit keer gevuld met zuur. Door de huiden zuur te maken kunnen de looistoffen makkelijker naar binnen en worden ze beter opgenomen. Het zorgt er wel voor dat de huiden weer opzwellen, dus wordt er weer een laag zout toegevoegd die de zwelling tegenhoudt. Het evenwicht tussen zuur en zout tijdens het pikkelen is één van de belangrijkste stappen die de kwaliteit van het uiteindelijke leer zal bepalen.

6. Looien
Nu zijn we aangekomen bij het daadwerkelijke looien. De huid moet gemengd worden met een “looistof” die zich met de eiwitten in de huid verbindt . Deze stap in het gehele proces is wat van een bloot, leer maakt. Een looistof die het meest van allemaal wordt toegevoegd is het metaalzout: Chroomsulfaat. Het leer wat hieruit ontstaat is blauw(ig) van kleur en wordt daarom ook “Wet-blue” genoemd. Pas als de looistof volledig is binnengedrongen in de huid, wordt het zuurgehalte verlaagt. Hierdoor kan de binnengedrongen looistof gaan binden met de vezels in de huid. Na het looien is de huid dus echt “leer” en zullen bacteriën compleet geen interesse tonen in het materiaal , waardoor het dus (vrijwel) voor altijd goed blijft.


Een voorbeeld van 'wet blue' chroom gelooid leder, bron: De leeuw Hides

De meest bekende looistoffen
Chemisch
Hoewel de meeste leerlooiers gebruik maken van organische looistoffen zoals polymeren van Galluszuur, kan leer dus ook gelooid worden met chemische stoffen. De meest gebruikte methode van synthetisch looien is ‘Chroomlooien’. Dit is afkomstig uit het oude Griekenland waar het woord “chrōma” ook wel gebruikt wordt voor “Kleur”. De huid kan vrijwel hetzelfde uit het proces komen als bij plantaardige looiing, echter is de synthetische manier aanzienlijk sneller (1 tot 2 dagen). Niet onbelangrijk om te onthouden is dat leerlooiers nooit de giftige variant van chroom gebruiken (Chroom-IV), maar enkel de niet-giftige soort genaamd Chroom-III.

Plantaardig
Tegenwoordig worden de meeste huiden gelooid met zouten van metalen zoals ijzer en titanium. Maar als we weer even een stapje terugnemen naar onze voorvaderen, gebeurt er natuurlijk iets vreemds. In die tijd kon men namelijk nog geen ijzeren bewerken, tot in de bronzen eeuw. En toch kon men toen leer maken? Hoe kan dat dan?

Huiden kunnen ook gelooid worden met natuurlijke stoffen. Zo werd het leer in de oertijd gecreëerd door de huiden te looien met de schors van een boom. De bewerkte huid werd dan ongeveer een jaar lang geweekt met de boomschors om het looiproces te voltooien. Tegenwoordig gaat het sneller, maar het is niet binnen een paar dagen al klaar.

In ongeveer 10 % van de gevallen wordt er tegenwoordig nog steeds plantaardig gelooid. Op deze manier worden de huiden verwerkt zonder gebruik te maken van schadelijke stoffen. In plaats van chemische zuren, worden plantaardige looizuren gebruikt van planten, bomen, vruchten en andere plantaardige middelen. Het proces verloopt sneller als vroeger, maar neemt nog wel een aantal weken tot maanden in beslag.

Synthetisch
Soms wordt het proces van plantaardig looien versneld door synthetische stoffen toe te voegen. Dit levert een leer op met een gemengde looiing. Er worden dus een aantal stoffen toegevoegd die niet afkomstig zijn uit de natuur. In deze tijd en eeuw is het natuurlijk geen wonder dat we niet volledig afhankelijk zijn van natuurlijke stoffen. Met chemicaliën kan er op een snelle en efficiënte manier de eiwitten van het dier opgelost worden. Tegelijkertijd kan synthetisch looien ook zorgen voor extra eigenschappen aan het leer zoals een bepaalde kleur of textuur.

Afgeleid van: Oosterumleder, augustus 2019


De fabrikant
Benieuwd wat er gebeurd na de looierij? Kijk dan snel op de volgende pagina en leer meer over de fabrikant!

© 2010 - 2020 Leerkenner | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel